Vakantie!
Dat betekent in mijn geval reizen met de tent, landhuizen bezoeken, door bossen en velden dwalen en nieuwe streken leren kennen. Reizen met de tent, kamperen dus, klinkt wel romantischer dan het in realiteit vaak is. In werkelijkheid is het vaak nachten wakker liggen van de buren die net wat te veel lawaai maken op de camping, van de wind die inbeukt op de tent, van de matras die toch net iets te dun is om echt comfortabel te liggen. Maar wat maakt het uit als je ‘s ochtends je tentzeil openritst en kan uitkijken over weidse velden die baden in het licht van de zon die net over de heuvel komt piepen.
Kleine ongemakken.
De titel en inhoud van deze blog schiet me te binnen, wanneer ik op een camping mijn handen sta te wassen na een toiletbezoek. Uit het kraantje komt een miezerig straaltje water. Ik maak mijn handen nat, zeep ze in en spoel het zeepsop van mijn handen. Althans, dat probeer ik. Het waterstraaltje is zo zwak dat ik enkel meer schuim maak. Ik probeer eerst de ene hand en dan de andere af te spoelen, maar maak het enkel erger. Er hangt overal schuim en ik kan niet anders dan de kraan terug dicht te draaien en het schuim aan mijn broek af te vegen. Kleine ongemakken.
Zijn die levensbedreigend? Nee. Zijn die vervelend? Een beetje, maar er zijn ergere dingen.
Een ander ongemak dat ik hier op reis meemaak zijn de nationale voedingsrichtlijnen. Ter verduidelijking, ik ben op reis in Engeland. Blijkbaar is er hier wetgeving die stelt dat op elke menu het aantal kilocalorieën per portie vermeld moet worden. Fantastisch voor iedereen die daar bewust mee om wil gaan, maar voor iemand met een eetstoornis is elke blik op het menu extra geladen. In de winkels werken ze hier niet met nutriscores, maar zetten ze kleurcodes op de producten. Je ziet op slag hoe goed jouw product scoort op het vlak van koolhydraten, vetten, zout… In groen, oranje, rood schijnen de waarden je tegemoet. Opnieuw handig om mensen aan te zetten om een bewuste, gezonde keuze te maken. Maar voor mensen met een eetstoornis? Een groot ongemak. Ik worstel me daar de rekken en merk dat ik moet weerstaan aan de impuls om alles met maar iets van oranje of rode kleur terug te leggen.
Gelukkig heb ik een partner die op die momenten mee helpt.
‘Je had dat meteen vast. Je had daar dus zin in. Neem het, gooi het in de winkelkar en stap door. Het helpt niet om te blijven denken over elke stap die je zet.’
Ik gooi het pakje wine gums na een interne strijd dus in de winkelkar.
Een klein ongemak.
Maar eentje dat me straks wel zal smaken.


